"Tien jaar digitale inventarisatie van trage wegen is eigenlijk een verhaal van mensen en samenwerking": MyObs in de kijker
In 2014 werd de eerste digitale stap gezet richting een gestructureerde inventarisatie van trage wegen. Vandaag zijn we tien jaar verder en zijn meer dan 50 Vlaamse steden en gemeenten betrokken bij het digitaal in kaart brengen én opvolgen van hun tragewegenbeleid. Aan de basis van dit verhaal: een paar eenvoudige tools, veel geëngageerde vrijwilligers én de visie van Bart Paesen, mede-oprichter van Profisi, het bedrijf achter de software MyObs, Routechecker en Dipla.
We gingen met Bart in gesprek over hoe het allemaal begon, en waar het vandaag staat.
Tien jaar geleden was er nog geen sprake van MyObs. Hoe is het idee gegroeid om trage wegen digitaal te inventariseren?
Bart Paesen: “Ik kende Trage Wegen al langer en was sterk overtuigd van hun missie. Bij Profisi wilden we helpen om mee te bouwen aan een mooie en duurzame openbare ruimte. Toegang tot open ruimte is daarbij essentieel. En trage wegen spelen daarin een cruciale rol: ze geven mensen letterlijk de kans om hun omgeving te ontdekken en waarderen. Die verbinding tussen mens en landschap wilden we versterken via digitale tools.”
Welke rol speelde de oorspronkelijke Trage Wegen-app in dat verhaal, en hoe kwam MyObs in beeld?
“Aanvankelijk werkten vrijwilligers met de Trage Wegen-app om paden in kaart te brengen. Die app heeft een belangrijke rol gespeeld, maar na verloop van tijd groeide de nood aan een flexibelere oplossing. Zo is MyObs ontstaan. Die app kon niet alleen gebruikt worden om trage wegen te inventariseren, maar ook voor andere bevragingen binnen een bepaalde regio. Denk aan studenten die veldwerk doen, of vrijwilligers die bomen of houtkanten registreren. MyObs is dus breder inzetbaar, maar tegelijk ideaal voor projecten die vertrekken van lokale betrokkenheid.”
Wat doet MyObs precies?
“MyObs is puur bedoeld voor inventarisatie. Vrijwilligers geven aan waar een trage weg loopt, wat de toestand is, of er obstakels zijn… Dat lijkt simpel, maar het levert een schat aan informatie op. De app verzamelt die in tabellen, via foto’s en op kaart. En het mooie is: het is helemaal gestoeld op samenwerking tussen gemeenten en burgers. Alles begint met het terreinwerk van vrijwilligers.”
Startmoment inventarisatie in Bilzen, mei 2024
Sommige gemeenten gaan nog een stap verder dan inventarisatie. Daar komt Routechecker bij kijken, toch?
Klopt. In een aantal gemeenten gebruiken vrijwilligers de Routechecker-app om knelpunten te melden: een pad dat overgroeid is, een afsluiting die er niet hoort, een bruggetje dat kapot is… Het zijn heel concrete meldingen die het lokaal bestuur toelaten om gericht actie te ondernemen. Zo maak je de stap van louter inventariseren naar ook effectief onderhouden.”
En al die gegevens komen samen op één plek: Dipla. Wat maakt dat platform zo bijzonder?
“Dipla is als het ware de motor onder alles. De gegevens die via MyObs en Routechecker verzameld worden, landen in Dipla, onze beheersoftware. Vanuit die gegevens kunnen gemeenten beheeracties plannen, opvolgen en daar ook concrete taken aan koppelen. Alles gebeurt op één platform, dus ook de opvolging van de uitgevoerde taken. Zo krijgen gemeenten niet alleen inzicht in hun trage wegen en andere landschapselementen, maar ook de tools om er gericht mee aan de slag te gaan.”
Je spreekt over andere landschapselementen. Kan je daar een voorbeeld van geven?
“Natuurlijk. In Laarne, bijvoorbeeld, gebruiken ze Dipla niet alleen voor hun trage wegen, maar ook voor het beheer van houtkanten, bomen en hagen. Zo evolueert het platform naar een volwaardige ondersteuning voor integraal landschapsbeheer. En dat sluit perfect aan bij hoe we het landschap vandaag moeten benaderen: niet versnipperd, maar als één geheel.”
Tien jaar digitale trage wegen: waar ben je het meest trots op?
“Dat het niet gewoon over technologie gaat. Het succes van deze aanpak zit in de samenwerking tussen burgers, vrijwilligers, gemeenten en organisaties zoals Trage Wegen. De tools zijn ondersteunend, maar het is het engagement van mensen dat het verschil maakt. We hebben samen iets opgebouwd dat werkt én gedragen wordt. Dat maakt me trots.”
Wat brengt de toekomst?
“We blijven bouwen aan een platform dat gemeenten écht helpt. Niet door meer toeters en bellen, maar door het beheer eenvoudiger, transparanter en slimmer te maken. En hopelijk kunnen we zo nog meer lokale besturen inspireren om het landschap digitaal én duurzaam levend te houden.”