Trage wegen in je buurt

Duid jouw woonplaats aan en wij personaliseren onze website voor jou.

De kaart

OF

Je postcode

Verstuur
 
woensdag, 25 February 2015 19:35

Vraag van de maand: hoe wordt het verkeer op trage wegen geregeld?

Regelmatig krijgen we bij Trage Wegen de vraag of mountainbikers, paarden of elektrische fietsen de trage wegen mogen gebruiken. Dat mag. Zolang de breedte van de weg het toelaat en zolang er geen verkeerssignalisatie staat die het tegendeel aangeeft. Maar hoe wordt dit nu geregeld? En welk reglementair instrumentarium moet er gebruikt worden? 

tn IMG 8248Een kleine openbare weg, die een gebruik als "trage weg" kent, valt per definitie onder het algemeen verkeersreglement. Beter gekend onder de naam "Wegcode". De Wegcode legt in principe geen beperkingen op: alle soorten weggebruikers mogen een openbare weg gebruiken. Er gelden ook "standaard" snelheidsbeperkingen. Maar echt traag worden de wegen er niet door: buiten de bebouwde kom, mag je als bestuurder van een wagen maximaal 90 per uur. Ook op aardewegen dus.

De gemeente is wegbeheerder van de kleine openbare wegen. Ze kan het wegverkeer op die wegen gaan regelen: ingrijpen op snelheden en soorten van weggebruikers. Afhankelijk van waar de weg in kwestie gelegen is, moet daar een ander instrument voor gebruikt worden.

Het aanvullend reglement

Het aanvullend reglement is het bekendste: het regelt het verkeer op een welbepaalde plaats. Daar wordt dan afgeweken van het algemene reglement en er staan bepaalde gebods- en verbodsborden uit de wegcode. Op basis van artikel 5 uit het “Aanvullende reglementendecreet” van 16 mei 2008 is de gemeente bevoegd om de aanvullende reglementen vast te stellen: “Onder voorbehoud van artikel 6 (zie verder), stelt de gemeente de aanvullende reglementen vast op de gemeentewegen die zich op haar grondgebied bevinden. (…) De gemeente deelt de tekst van de aanvullende reglementen op de gemeentewegen mee aan de Vlaamse Regering. De gemeente vermeldt in die mededeling de locaties waar ze de verkeersborden ter uitvoering van het aanvullend reglement plaatst”.

Daarmee is het overgrote deel van de trage wegen afgedekt, zou je denken. En toch: heel wat trage wegen liggen in bossen en natuurgebieden, het Vlaams Ecologische Netwerk of “speciale beschermingszones” zoals habitat- en vogelrichtlijngebieden. En daarover gaat artikel 6 van het Aanvullende reglementendecreet : “De Vlaamse Regering stelt de aanvullende reglementen vast die betrekking hebben op voor het openbaar verkeer openstaande wegen in de domeinbossen en de bosreservaten zoals bedoeld in het bosdecreet van 13 juni 1990, en in de natuurreservaten, het VEN of onderdelen ervan en de speciale beschermingszones (…). In afwijking van het eerste lid kan de Vlaamse Regering onder de door haar gestelde voorwaarden de gemeenten eveneens toelaten aanvullende reglementen vast te stellen op de in het eerste lid bedoelde wegen.

Met het Aanvullende reglementenbesluit van 23 januari 2009 besliste de Vlaamse Regering de wijze waarop gemeentebesturen deze aanvullende reglementen kunnen vaststellen, wat ervoor zorgde dat ook daar de gemeentebesturen bevoegd zijn. De Vlaamse Minister van Mobiliteit kan wel altijd het besluit van de gemeente afkeuren, wijzigen of vervangen door een eigen besluit.

En daarmee lijkt de kous af: de gemeente beslist autonoom voor de gemeentewegen, en in bossen of natuurgebieden kijkt de Vlaamse Minister van Mobiliteit mee. Je raadt het al: dat zou misschien toch iets té gemakkelijk zijn.

De toegankelijkheidsregeling

aelmoeseneiebosDe meeste trage wegen in bossen en natuurreservaten vallen echter onder de bepalingen van het Bosdecreet (art. 10, § 2) en het Natuurdecreet (art. 13, § 1, 6°), die eigen regels én bebording voorzien voor het regelen van de toegankelijkheid. Deze artikels geven de Vlaamse Regering de bevoegdheid de toegankelijkheid te regelen van het “natuurlijk milieu” en van “voor het verkeer minder belangrijke openbare wegen” in een natuurreservaat of in het VEN, en voor de boswegen [1].

Deze regels geven dus de scheiding aan tussen daar waar het aanvullend reglement overeenkomstig het Aanvullend reglementendecreet moet worden gebruikt en daar waar een toegankelijkheidsregeling overeenkomstig het Natuur- en Bosdecreet moet worden gehanteerd. De mogelijkheid om aanvullende reglementen uit te vaardigen geldt enkel nog voor de voor het openbaar verkeer openstaande wegen die geen “voor het verkeer minder belangrijke openbare wegen” in een natuurreservaat of in het VEN, of boswegen zijn. Zelfs wanneer die wegen buurtwegen of andere kleine openbare wegen zijn.

Een toegankelijkheidsregeling wordt opgemaakt volgens de regels van het Toegankelijkheidsbesluit van 5 december 2008. De regeling gaat ook veel verder dan één wegje, het is een gebiedsgericht instrument. Het initiatief wordt genomen door de beheerder van het bos of het natuurgebied, meestal niet de gemeente dus. Een toegankelijkheidsregeling moet, na de indiening bij het Agentschap voor Natuur en Bos ter goedkeuring, wel voor advies worden voorgelegd aan het college van burgemeester en schepenen van de gemeente(n) op wiens grondgebied het betreffende bos of natuurgebied is gelegen. Indien in de toegankelijkheidsregeling een speelzone is voorzien, dan moet bijkomend ook een advies worden aangevraagd aan de Gemeentelijke Jeugdraad. Voor toegankelijkheidsregelingen in bossen is er bovendien naar analogie met het opmaken van bosbeheerplannen een publieke consultatie voorzien.

En in parken?

De toegang tot en in parken wordt geregeld bij politiereglement. Hoewel een politiereglement voor wat betreft het wegverkeer een eerder beperkte betekenis heeft, is het net voor de wegjes in parken wel van belang. De gemeenteraad stelt de politiereglementen van voor de gemeentelijke en gewestelijke parken op haar grondgebied. De Provincieraad is bevoegd voor haar eigen provinciale parken en stelt er eigen politiereglementen voor op. Het begrip “park” wordt trouwens ruim geïnterpreteerd. Zo worden de West-Vlaamse groene assen, voormalige spoorwegbeddingen, in eigendom van de provincie West-Vlaanderen juridisch beschouwd als langgerekte parken. De toegang tot deze groene assen wordt geregeld door een afzonderlijk politiereglement.

Meer weten over de toegankelijkheid van trage wegen? Lees dan >>> onze juridische studie in opdracht van het Agentschap voor Natuur en Bos.

[1] Volgens Art.4,9°van het Bosdecreet: "bosweg: alle wegen of gedeelten van wegen gelegen in het bos, met uitzondering van de openbare wegen die ingericht zijn voor het gewone, gemotoriseerde verkeer en die in hoofdzaak bestemd zijn als doorgangsweg. Paden waarop slechts één voetganger tegelijkertijd kan passeren worden niet als boswegen beschouwd, tenzij ze deel uitmaken van het toegankelijke wegennet opgenomen in het beheersplan of in het toegankelijkheidsreglement zoals bepaald in artikel 12 van dit decreet"

Gelijkaardige berichten

Schrijf je in op onze nieuwsbrief



Trage Wegen draagt zorg voor je privacy. Door je in te schrijven op onze nieuwsbrief, ga je akkoord met onze privacyverklaring.