Friday, 29 January 2021 13:39

Vraag van de maand: Mag Infrabel eenzijdig spoorwegovergangen afsluiten?

Onze mailbox zat de afgelopen maanden prop- en propvol met vragen over het plots afsluiten van overwegen. De problematiek duikt inderdaad zowat overal op: van > Zottegem en de Vlaamse Ardennen, over > Denderleeuw en > Ieper tot > Beringen
Eén constante in het hele verhaal blijkt de rol van Infrabel te zijn. De spoorwegbeheerder is er rotsvast van overtuigd dat ze eenzijdig en autonoom overwegen mogen opheffen. Maar is dat wel zo? Een juridische zoektocht dringt zich op!

Spoorwegovergangen zijn vaak gemeentewegen

Het overgrote deel van de spoorwegovergangen valt samen met gemeentewegen. Vaak gaat het om eeuwenoude verbindingen, dikwijls ook opgetekend in de Atlas der Buurtwegen, nog voor de spoorweg werd aangelegd. Je zou dan toch denken: om zo’n weg op te heffen heb je een gemeenteraadsbeslissing nodig in de zin van het Gemeentewegendecreet.
In de praktijk blijkt dat bij het opheffen van overwegen dus niet te gebeuren. In een aantal gevallen zijn burgers pas op het allerlaatste moment op de hoogte van het verdwijnen van een overweg en worden ze zo voor voldongen feiten geplaatst, zoals eind 2019 in > Zwalm (Neerkouter) het geval was.  

 PVDH-metmensen-075

Interceptie

Infrabel lijkt uit te gaan van de interceptieregeling: een term waarmee men aangeeft dat de de overweg reeds deel uitmaakt van de spoorweg en niet meer van de gemeenteweg.
Het is inderdaad zo dat een gewestweg of een gemeenteweg op de plaats waar die door een spoorweg wordt gekruist, op de kruising zijn oorspronkelijke aard verliest en integrerend deel uitmaakt van de spoorweg. Dit is de interceptieleer, die algemeen aanvaard is in de rechtspraak (bv. Cass. 10 oktober 1979, Cass. 13 juni 2003, Cass. 22 juni 2007, Cass. 2 oktober 2009).

In de rechtspraak wordt de interceptieleer afgeleid uit de samenhang van twee wettelijke bepalingen:

  • Enerzijds bepaalt artikel 7, eerste lid van de wet van 9 augustus 1948 houdende wijziging van de wetgeving inzake wegen dat de Koning de grote wegen in genummerde trajecten mag indelen en er vakken van provincie- en gemeentewegen bij inlijven. Op basis van artikel 7, tweede lid van deze wet mag de Koning van ambtswege de inlijving zonder vergoeding voorschrijven bij de grote wegen van de Staat, van wegen of vakken van wegen, die niet tot de grote wegen behoren, maar in genummerde trajecten begrepen zijn.
  • Anderzijds bepaalt artikel 19 van de wet van 27 april 2018 op de politie van de spoorwegen dat de spoorwegen worden ingedeeld bij de grote wegen.

Niet voor tunnels of bruggen

De interceptieleer geldt enkel voor ‘gelijkgrondse kruisingen’. Dit betekent met andere woorden dat gemeentewegen of gewestwegen die een spoorlijn bovengronds of ondergronds kruisen op deze kruising niet worden ingelijfd bij de spoorweg, ook al steunt de bovengrondse kruising op een bouwwerk dat rust op een lager gelegen weg. (Zie bv. Cass. 26 september 2013). Enfin: bruggen en tunnels vallen dus niet onder deze regeling.

Een eigendoms- en beheersvraagstuk

spoorwegovergangen-zottegem-nelekouterDe interceptieleer werd vooral toegepast bij conflicten tussen overheden inzake eigendom en het beheer van de inrichting en ondergrond. De interceptieleer regelt op een efficiënte wijze bij overwegen welke wegbeheerder instaat voor het beheer van de inrichting ter plaatse. Het is logisch dat de overweg wordt onderhouden door de spoorinfrastructuurbeheerder. Bij conflicterende ‘domeinkwesties’ (welke overheid is nu eigenaar?), wordt ook dat aspect door de interceptieleer gevat. Maar de regeling heeft ook duidelijke beperkingen. Trage Wegen is ervan overtuigd dat interceptie niet van toepassing kan zijn voor wat betreft het publiek recht van doorgang en wel omwille van het eerder aangehaalde cassatie-arrest (Cass. 10/10/1979) waarin we lezen:

“Wanneer een nieuwe, aan te leggen rijksweg een gemeenteweg kruist, wordt de gemeenteweg, op de plaats waar hij gekruist wordt, reeds ingelijfd in de rijksweg vanaf het ogenblik dat dit gedeelte van de weg zijn nieuwe bestemming krijgt en niet pas vanaf het ogenblik dat de rijksweg voor het verkeer zal opengesteld zijn."

Die nieuwe bestemming komt voort uit het rooilijnplan waarbij de kruising wordt aangelegd. We kunnen de parallel trekken met de gewestwegen (die ook ingedeeld zijn bij de ‘grote wegenis’). Als een gewestweg wordt aangelegd, gaat men eerst de bestaande gemeentewegen aanpassen of opheffen. (zie bv. > de heisa over de N42 omleiding van Herzele) alvorens het rooilijnplan dat de nieuwe bestemming creëert. Effectief: de ontworpen toestanden van gewestwegen vereisen vaak een volledig andere inrichting van kruispunten, waarbij publieke doorgangen van het onderliggend wegennet net niet meer mogelijk of beperkt mogelijk zullen zijn. Het kruispunt wordt dus een deel van de gewestweg.

Bij de aanleg van de spoorwegen gebeurde dat vanaf de tweede helft van de 19de eeuw eveneens: de buurtwegen die door de aanleg van een spoorweg zouden verdwijnen, werden opgeheven. Lees: hun rooilijnplan (dat de bestemming regelt) werd opgeheven en het nieuwe rooilijnplan van de spoorweg voorzag géén overweg op die plaatsen. Daar waar overwegen waren voorzien, werd de bestemming van de gemeentelijke wegenis niet gewijzigd, dus ook niet opgeheven.

Voorbeelden uit de 19de eeuw

Hieronder een voorbeeldje van zo’n afschaffingsdossier uit Sint-Amandsberg ( > klik hier voor de precieze locatie), waar een nieuwe spoorweg tussen Lokeren en Gent-Dampoort zou komen te liggen. Vooraleer de spoorwegwerken konden beginnen, werden eerst de buurtwegen keurig afgeschaft. Op die plekken kwam trouwens géén overweg te liggen.

vvdm2101-sintamandsberg

Het is in de rechtsleer en rechtspraak algemeen aanvaard dat publieke bestemmingen kunnen samenvallen. En dat is exact wat er bij overwegen gebeurt: de bestemming ‘vervoer per spoor’ en ‘publiek recht van doorgang’ worden er gecombineerd. Dé bestaansreden van een overweg, als het ware. Niet-afgeschafte overwegen bij de aanleg van de spoorweg behouden dus hun bestemming als gemeenteweg.

De praktijk uit de 19de eeuw bevestigt dit opnieuw. Wanneer na aanleg van een spoorweg, overwegen werden afgeschaft, volgde men keurig de buurtwegprocedure. Een voorbeeldje hiervan hieronder: een uitsnede van een afschaffingsdossier uit 1862 (in het kader van de buurtwegenwet) in Kontich op de lijn Antwerpen-Brussel ( > klik hier voor de precieze locatie).

vvdm2101-kontich1

vvdm2101-kontich2

In het geval dat de bestemming van de spoorweg wordt opgeheven, blijft deze van de gemeenteweg (althans: het recht van doorgang) wél bestaan. Er ontstaan dus géén twee doodlopende stukjes gemeenteweg. De stelling van de ‘gecombineerde bestemmingen’ wordt trouwens ook onderschreven door de praktijk inzake buurtwegen.

In onderstaand uittreksel van een afschaffingsdossier zien de stelling bevestigd: lang na afschaffing van een spoorweg (tegenwoordig een wandel- en fietsverbinding), wordt ook de volledige buurtweg werd opgeheven. ( > klik hier voor de precieze locatie).

vvdm2101-kontich3

Conclusie: een overweg werd juist aangelegd om het recht van doorgang ten behoeve van de gemeenschap (in casu de gemeente) te laten respecteren en te laten ‘samensporen’ met de bestemming als spoorweg. Om het publiek recht van doorgang op te heffen, zal Infrabel dus niet alleen de overweg fysiek moeten verwijderen, maar eveneens het Gemeentewegendecreet moeten volgen om de rooilijn van de gemeenteweg op te heffen.

Dat houdt in dat de gemeenteraad een veto heeft in deze beslissingen, én dat burgers hun zeg kunnen doen in het openbaar onderzoek en eventueel beroep kunnen aantekenen. Lees hier meer over > de procedure voor de opheffing van een gemeenteweg.

Opheffen van de overweg

De kous is echter nog niet af. Voor het opheffen van een overweg, zal niet alleen het gemeentewegendecreet moeten worden gevolgd (als er een gemeenteweg over loopt), er zijn ook wettelijke bepalingen over het weghalen van de seininrichtingen. Lees: de overweg zelf.

Zoiets wordt geregeld door een afzonderlijk ministerieel besluit (federale materie) per overweg dat bepaalt welke veiligheidsuitrusting die moet hebben. Deze besluiten worden opgemaakt door de FOD Mobiliteit. Minstens tot 2014, ging de FOD Mobiliteit alleen maar akkoord met het weghalen van alle signalisatie en seininrichtingen aan een overweg als er een procedure werd doorlopen, incl. openbaar onderzoek en akkoord van de gemeente. Dat leerden wij uit > een antwoord van toenmalig minister Inge Vervotte (2008) op een parlementaire vraag van Steven Van Hecke (zie p. 46-48).

Wat zou er intussen met die procedure gebeurd zijn? In > de parlementaire vraag van 12.2.2020 van Franky Demon (CD&V) antwoordt toenmalig minister François Bellot:

“…Ook is Infrabel gemachtigd om - bij ministerieel besluit - overwegen autonoom af te sluiten…”

De minister heeft het dus eigenlijk over het weghalen van de seininrichtingen. Alleen is dat ministerieel besluit dat Infrabel machtigt - althans voorlopig - nergens te vinden. Maar, nog interessanter, in diezelfde vraag zegt de minister:

“… Het is inderdaad correct dat, indien een gemeenteweg aangepast of verlegd wordt, dit het akkoord moet krijgen van de gemeenteraad. Infrabel zal in eerste instantie bij het schepencollege een principeakkoord vragen omtrent de afschaffing. Tijdens de bouwaanvraagprocedure zullen ook het advies en het akkoord van de gemeenteraad gevraagd worden.”

Met andere woorden: hiermee bevestigt de minister hiermee de stelling van de ‘dubbele bestemming’.

Wetgevend initiatief

Het lijkt in elk geval wenselijk dat we niet moeten wachten op uitspraken van het Hof van Cassatie om de stelling van de dubbele bestemming bevestigd te zien. Een wetgevend initiatief, waarbij de Wet op de Spoorwegpolitie wordt verduidelijkt en expliciet inschrijft dat het recht van doorgang voor het wegverkeer over overwegen slechts kan opgeheven worden door de regionale wegendecreten te respecteren is meer dan ook aan de orde.

Het lijkt ons in elk geval hoogst bedenkelijk dat een bedrijf, zelfs als is het een overheidsbedrijf (NV van Publiek recht) dit zelf kan doen.

 

Schrijf je in op onze nieuwsbrief



Trage Wegen draagt zorg voor je privacy. Door je in te schrijven op onze nieuwsbrief, ga je akkoord met onze privacyverklaring.